schmersal_s_icon.png

AZM40B-ST-1P2P-PH

Artikelnummer: 103037330

Typebenaming van het product:
AZM40(1)-(2)-ST-1P2P-(3)

(1)
ZBewaking van de vergrendeling >
BBewaking van de bedieningssleutel

(2)
zonderStandaard codering
I1Individuele codering
I2Individuele codering, meerdere keren aanleerbaar

(3)
zonderVerzonken gaten voor schroeven met verzonken kop (standaard)
PHPlatte behuizing voor uitstekende schroeven
Niet alle artikelen volgens dit type-nummer  zijn leverbaar en/of technisch bruikbaar.
  • Compact, flat design
  • 119,5 mm x 40 mm x 20 mm
  • High holding force 2000
  • Latching force 40 N
  • RFID-technology for needs-based protection against tampering
  • Individually coded version with coding level "High" according to ISO 14119
  • Only one version for hinged and sliding doors
  • Actuator can approach interlock continuously within a 180 degree angle.
  • Symmetrical mounting, can be bolted on either side

Ordering data

Product type description

AZM40B-ST-1P2P-PH

Article number (order number)

103037330

EAN (European Article Number)

4030661543727

eCl@ss number, version 12.0

27-27-26-03

eCl@ss number, version 11.0

27-27-26-03

eCl@ss number, version 9.0

27-27-26-03

ETIM number, version 7.0

EC002593

ETIM number, version 6.0

EC002593

Approvals - Standards

Certificates

TÜV

cULus

FCC

IC

UKCA

ANATEL

General data

Standards

EN ISO 13849-1

EN ISO 14119

EN IEC 60947-5-3

EN IEC 61508

Coding

Universele codering

Coding level according to EN ISO 14119

gering

Working principle

RFID

Frequency band RFID

125 kHz

Transmitter output RFID, maximum

-6 dB/m

Housing material

Light alloy die cast and plastic (glass-fibre reinforced thermoplastic)

Reaction time, maximum

100 ms

Duration of risk, maximum

200 ms

Reaction time, switching off safety outputs via safety inputs, maximum

1,5 ms

Gross weight

304 g

General data - Features

Actuator monitored

Ja

Latching

Ja

Manual release

Ja

Short circuit detection

Ja

Cross-circuit detection

Ja

Series-wiring

Ja

Safety functions

Ja

Integral system diagnostics, status

Ja

Number of safety contacts

2

Safety classification

Vorschriften

EN ISO 13849-1

EN IEC 61508

Safety classification - Interlocking function

Performance Level, up to

e

Category

4

PFH value

1,10 x 10⁻⁹ /h

PFD value

8,90 x 10⁻⁵

Safety Integrity Level (SIL), suitable for applications in

3

Mission time

20 Year(s)

Mechanical data

Interlocking principle

bistabiel

Mechanical life, locking cycles

1.000.000 Operations

Mechanical life, actuator cycles

500.000 Operations

Note (Mechanical life)

from device version V2 (V1 = 200.000 actuator cycles)

Holding force FZh in accordance with EN ISO 14119

2.000 N

Holding force Fmax, maximum

2.600 N

Latching force

40 N

Note (Latch force)

+/- 25%

Actuating speed, maximum

0,5 m/s

Mounting

mounting holes plain

Type of the fixing screws

2x M5

Tightening torque of the fixing screws, minimum

4 Nm

Tightening torque of the fixing screws, maximum

6 Nm

Note

Observe the maximum tightening torque of the fixing screws used.

Mechanical data - Switching distances

Assured switching distance "ON" Sao

1 mm

Assured switching distance "OFF" Sar

8 mm

Note (switching distance)

All switching distances in accordance EN IEC 60947-5-3

Mechanical data - Connection technique

Length of sensor chain, maximum

30 m

Note (length of the sensor chain)

Cable length and cross-section change the voltage drop dependiing on the output current

Note (series-wiring)

Unlimited number of devices, oberserve external line fusing, max. 31 devices in case of serial diagnostic SD

Termination

Aansluitstekker M12, 8-polig, A-gecodeerd

Mechanical data - Dimensions

Length of sensor

119,5 mm

Width of sensor

40 mm

Height of sensor

20 mm

Ambient conditions

Degree of protection

IP66

IP67

IP69

Ambient temperature

-20 ... +55 °C

Storage and transport temperature

-40 ... +85 °C

Relative humidity, maximum

93 %

Note (Relative humidity)

niet-condenserend

geen berijping

Resistance to vibrations

10…55 Hz, amplitude 1 mm

Restistance to shock

30 g / 11 ms

Protection class

III

Permissible installation altitude above sea level, maximum

2.000 m

Ambient conditions - Insulation values

Rated insulation voltage Ui

32 VDC

Rated impulse withstand voltage Uimp

0,8 kV

Overvoltage category

III

Degree of pollution

3

Electrical data

Operating voltage

24 VDC -15 % / +10 %

No-load supply current I0, typical

100 mA

Current consumption magnet at switching moment, peak

600 mA / 100 ms

Rated operating voltage

24 VDC

Operating current

1.200 mA

Required rated short-circuit current

100 A

External wire and device fuse rating

2 A gG

Time to readiness, maximum

4.000 ms

Switching frequency, maximum

0,25 Hz

Utilisation category DC-12

24 VDC / 0,05 A

Electrical fuse rating, maximum

2 A

Electrical data - Magnet control

Designation, Magnet control

IN

Switching thresholds

-3 V … 5 V (Low)

15 V … 30 V (High)

Magnet switch-on time

100 %

Test pulse duration, maximum

5 ms

Test pulse interval, minimum

40 ms

Classification ZVEI CB24I, Sink

C0

Classification ZVEI CB24I, Source

C1

C2

C3

Current consumption at 24V, minimum

10 mA

Current consumption at 24V, maximum

15 mA

Electrical data - Safety digital inputs

Designation, Safety inputs

X1 en X2

Switching thresholds

−3 V … 5 V (Low)

15 V … 30 V (High)

Current consumption at 24 V

5 mA

Test pulse duration, maximum

1 ms

Test pulse interval, minimum

100 ms

Classification ZVEI CB24I, Sink

C1

Classification ZVEI CB24I, Source

C1

C2

C3

Electrical data - Safety digital outputs

Designation, Safety outputs

Y1 en Y2

Rated operating current (safety outputs)

250 mA

Design of control elements

kortsluitvast, p-schakelend

Voltage drop Ud, maximum

2 V

Leakage current Ir, maximum

0,5 mA

Voltage, Utilisation category DC-12

24 VDC

Current, Utilisation category DC-12

0,25 A

Voltage, Utilisation category DC-13

24 VDC

Current, Utilisation category DC-13

0,25 A

Test pulse interval, typical

1000 ms

Test pulse duration, maximum

0,5 ms

Classification ZVEI CB24I, Source

C2

Classification ZVEI CB24I, Sink

C1

C2

Electrical data - Diagnostic outputs

Designation, Diagnostic outputs

OUT

Design of control elements

kortsluitvast, p-schakelend

Voltage drop Ud, maximum

2 V

Voltage, Utilisation category DC-12

24 VDC

Current, Utilisation category DC-12

0,05 A

Voltage, Utilisation category DC-13

24 VDC

Current, Utilisation category DC-13

0,05 A

Status indication

Note (LED switching conditions display)

Bedrijfstoestand: gele LED

Fout / functiestoring: rode LED

Voedingsspanning UB: groene LED

Pin assignment

PIN 1

A1 Toevoerspanning UB

PIN 2

X1 Veiligheidsingang 1

PIN 3

A2 GND

PIN 4

Y1 Veiligheidsuitgang 1

PIN 5

OUT Diagnose-uitgang

PIN 6

X2 Veiligheidsingang 2

PIN 7

Y2 Veiligheidsuitgang 2

PIN 8

IN magneetaansturing

Accessory

Recommendation (actuator)

AZM40-B1-PH

Taalfilter

Download de nieuwste versie van Adobe Reader

Video ID: AZM40

Product information: Solenoid interlock with guard locking series AZM40 (Vimeo)


Video ID: Mr-Safety-AZM40

Mr. Safety: Product presentation AZM40 (Youtube)


Mr. Safety: Product presentation AZM40 (Vimeo)


Video ID: AZM40-GID-AWARD

GID Award 3. Platz (Vimeo)


Instructies voor bediening en montage

1 Over dit document

1.1 Functie

Deze bedieningshandleiding geeft u de benodigde informatie voor de montage, inbedrijfneming, veilige werking en de demontage van de veiligheidsschakelaar. Een duidelijk leesbare kopie van de bedieningshandleiding moet altijd in de directe nabijheid van het product bewaard worden.

1.2 Doelgroep van de bedieningshandleiding: gemachtigd personeel

Alle activiteiten die in deze bedieningshandleiding beschreven worden, mogen uitsluitend door gekwalificeerd vakpersoneel, dat hiertoe gemachtigd is door de eigenaar van de machine of installatie, uitgevoerd worden.

Zorg ervoor dat u de bedieningshandleiding gelezen heeft en begrijpt voordat u het component installeert en in werking stelt.

Bij de keuze en inbouw van de componenten en bij hun integratie in de besturing moet de machinebouwer rekening houden met de normbepalingen en hun eisen.

1.3 Gebruikte symbolen

  • Informatie, tip, opmerking: Dit symbool markeert nuttige extra informatie.
  • Voorzichtig: Het niet-naleven van deze waarschuwing kan tot storingen, een foutieve werking of defecten leiden.
    Waarschuwing: Het niet-naleven van deze waarschuwing kan tot lichamelijke verwondingen en/of materiële schade aan de machine tot gevolg hebben.

1.4 Correct gebruik

Het productassortiment van Schmersal is niet bedoeld voor particuliere consumenten.

De hier beschreven producten werden ontwikkeld om veiligheidsrelevante functies uit te voeren als onderdeel van een volledige machine of installatie. De bouwer van een machine of installatie is verantwoordelijk voor de correcte werking van het geheel.

De veiligheidscomponent mag uitsluitend voor de door de fabrikant toegestane toepassingen en doeleinden gebruikt worden. Gedetailleerde informatie over het toepassingsgebied vindt u in het hoofdstuk "Productbeschrijving".

1.5 Algemene veiligheidsinstructies

De gebruiker moet de veiligheidsinstructies van deze bedieningshandleiding alsmede de nationale installatienormen en de geldende veiligheids- en ongevallenpreventievoorschriften in acht nemen.

  • Aanvullende technische informatie vindt u in de Schmersal catalogi of in de online catalogus: products.schmersal.com.

Alle vermeldingen zijn vrijblijvend en zonder enige contractuele verbintenis. Technische wijzigingen voorbehouden.

Bij naleving van de veiligheidsinstructies en de instructies voor montage, inwerkingstelling, bediening en onderhoud zijn geen restrisico's bekend.

1.6 Waarschuwing voor foutief gebruik

  • Bij ondeskundig of niet-correct gebruik of manipulaties kunnen bij gebruik van de component eventuele gevaren voor personen of schade aan machine- of installatieonderdelen niet uitgesloten worden.

1.7 Uitsluiting van aansprakelijkheid

Wij zijn niet aansprakelijk voor schade en bedrijfsstoringen die voortvloeien uit montagefouten of het niet naleven van deze bedieningshandleiding. Voor schade die ontstaat vanwege het gebruik van reserveonderdelen of toebehoren, die niet door de fabrikant toegelaten zijn, is iedere vorm van aansprakelijkheid van de fabrikant uitgesloten.

Om veiligheidsredenen is het eigenhandig herstellen, ombouwen of veranderen van het component uitdrukkelijk verboden. Iedere eigenmachtig uitgevoerde reparatie, ombouw of verandering is uit veiligheidsoogpunt niet toegestaan, en ontslaat in voorkomend geval de fabrikant van elke aansprakelijkheid en/of daaruit voortvloeiende schade.

2 Productbeschrijving

2.1 Typenschlüssel

Typebenaming van het product:
AZM40(1)-(2)-ST-1P2P-(3)
(1)
ZBewaking van de vergrendeling >
BBewaking van de bedieningssleutel
(2)
zonderStandaard codering
I1Individuele codering
I2Individuele codering, meerdere keren aanleerbaar
(3)
zonderVerzonken gaten voor schroeven met verzonken kop (standaard)
PHPlatte behuizing voor uitstekende schroeven
BedieningssleutelAZM40-B1
 AZM40-B1-PH

2.2 Speciale versies

Voor speciale versies die niet in de typesleutel vermeld worden, gelden de vermeldingen hiervoor en hierna, voor zover zij overeenstemmen met de serieversies.

2.3 Bestemming en gebruik

De contactloos werkende elektronische veiligheidsschakelcomponent is ontworpen voor gebruik in veiligheidscircuits en dient voor de positiebewaking en vergrendeling van bewegende beschermvoorzieningen.

De veiligheidsvergrendeling AZM40 is geschikt voor montage aan 40 mm profielsystemen en, dankzij de 180° hoekflexibiliteit van de bediensleutel, ook voor draai- en schuifdeuren. De leds zijn zichtbaar aan 3 zijden.

  • De veiligheidsschakelcomponenten zijn volgens EN ISO 14119 als type 4 vergrendelvoorzieningen geclassificeerd. Uitvoeringen met individuele codering zijn als hoog gecodeerd ingedeeld.

De verschillende varianten van de component kunnen als veiligheidsschakelaar met vergrendelfunctie of als veiligheidsvergrendeling gebruikt worden.

  • Wanneer op basis van de risicoanalyse een veilig bewaakte veiligheidsvergrendeling vereist is, moet een variant met bewaking van de vergrendeling, in de bestelsleutel gekenmerkt door het symbool >, worden gebruikt.
    Bij de variant met bewaking van de bediensleutel (B) gaat het om een veiligheidsschakelaar met vergrendelfunctie voor de bescherming van het proces.

De veiligheidsfunctie bestaat uit het veilig uitschakelen van de veiligheidsuitgangen bij het ontgrendelen of het openen van de beschermvoorziening en het behouden van de uitgeschakelde toestand van de veiligheidsuitgangen zolang de beschermvoorziening geopend of ontgrendeld blijft.

Bij de veiligheidsvergrendeling AZM 40 gaat het om een bistabiel systeem, dit wil zeggen dat de veiligheidsvergrendeling in geval van een stroomuitval de laatst geldende toestand behoudt.

Serieschakeling
Het toepassen van een serieschakeling is mogelijk. Bij een serieschakeling blijft de risicotijd ongewijzigd en verhoogt de reactietijd met de som van de in de technische gegevens opgegeven reactietijd van de ingangen per bijkomend toestel. Het aantal componenten wordt uitsluitend beperkt door de kabelverliezen en door de externe kabelbescherming, volgens de technische gegevens.

  • De gebruiker moet het veiligheidscircuit evalueren, ontwerpen en opbouwen volgens de van toepassing zijnde normen en afhankelijk van het vereiste veiligheidsniveau. Als meerdere veiligheidssensoren deelnemen aan eenzelfde veiligheidsfunctie, moeten de PFH waarden van de individuele componenten opgeteld worden.
  • Het volledige concept van de besturing, waarin de veiligheidscomponent geïntegreerd wordt, moet gevalideerd worden volgens de relevante normen.

2.4 Technische gegevens

Approvals - Standards

Certificates

TÜV

cULus

FCC

IC

UKCA

ANATEL

General data

Standards

EN ISO 13849-1

EN ISO 14119

EN IEC 60947-5-3

EN IEC 61508

Coding

Universele codering

Coding level according to EN ISO 14119

gering

Working principle

RFID

Frequency band RFID

125 kHz

Transmitter output RFID, maximum

-6 dB/m

Housing material

Light alloy die cast and plastic (glass-fibre reinforced thermoplastic)

Reaction time, maximum

100 ms

Duration of risk, maximum

200 ms

Reaction time, switching off safety outputs via safety inputs, maximum

1,5 ms

Gross weight

304 g

General data - Features

Actuator monitored

Ja

Latching

Ja

Manual release

Ja

Short circuit detection

Ja

Cross-circuit detection

Ja

Series-wiring

Ja

Safety functions

Ja

Integral system diagnostics, status

Ja

Number of safety contacts

2

Safety classification

Vorschriften

EN ISO 13849-1

EN IEC 61508

Safety classification - Interlocking function

Performance Level, up to

e

Category

4

PFH value

1,10 x 10⁻⁹ /h

PFD value

8,90 x 10⁻⁵

Safety Integrity Level (SIL), suitable for applications in

3

Mission time

20 Year(s)

Mechanical data

Interlocking principle

bistabiel

Mechanical life, locking cycles

1.000.000 Operations

Mechanical life, actuator cycles

500.000 Operations

Note (Mechanical life)

from device version V2 (V1 = 200.000 actuator cycles)

Holding force FZh in accordance with EN ISO 14119

2.000 N

Holding force Fmax, maximum

2.600 N

Latching force

40 N

Note (Latch force)

+/- 25%

Actuating speed, maximum

0,5 m/s

Mounting

mounting holes plain

Type of the fixing screws

2x M5

Tightening torque of the fixing screws, minimum

4 Nm

Tightening torque of the fixing screws, maximum

6 Nm

Note

Observe the maximum tightening torque of the fixing screws used.

Mechanical data - Switching distances

Assured switching distance "ON" Sao

1 mm

Assured switching distance "OFF" Sar

8 mm

Note (switching distance)

All switching distances in accordance EN IEC 60947-5-3

Mechanical data - Connection technique

Length of sensor chain, maximum

30 m

Note (length of the sensor chain)

Cable length and cross-section change the voltage drop dependiing on the output current

Note (series-wiring)

Unlimited number of devices, oberserve external line fusing, max. 31 devices in case of serial diagnostic SD

Termination

Aansluitstekker M12, 8-polig, A-gecodeerd

Mechanical data - Dimensions

Length of sensor

119,5 mm

Width of sensor

40 mm

Height of sensor

20 mm

Ambient conditions

Degree of protection

IP66

IP67

IP69

Ambient temperature

-20 ... +55 °C

Storage and transport temperature

-40 ... +85 °C

Relative humidity, maximum

93 %

Note (Relative humidity)

niet-condenserend

geen berijping

Resistance to vibrations

10…55 Hz, amplitude 1 mm

Restistance to shock

30 g / 11 ms

Protection class

III

Permissible installation altitude above sea level, maximum

2.000 m

Ambient conditions - Insulation values

Rated insulation voltage Ui

32 VDC

Rated impulse withstand voltage Uimp

0,8 kV

Overvoltage category

III

Degree of pollution

3

Electrical data

Operating voltage

24 VDC -15 % / +10 %

No-load supply current I0, typical

100 mA

Current consumption magnet at switching moment, peak

600 mA / 100 ms

Rated operating voltage

24 VDC

Operating current

1.200 mA

Required rated short-circuit current

100 A

External wire and device fuse rating

2 A gG

Time to readiness, maximum

4.000 ms

Switching frequency, maximum

0,25 Hz

Utilisation category DC-12

24 VDC / 0,05 A

Electrical fuse rating, maximum

2 A

Electrical data - Magnet control

Designation, Magnet control

IN

Switching thresholds

-3 V … 5 V (Low)

15 V … 30 V (High)

Magnet switch-on time

100 %

Test pulse duration, maximum

5 ms

Test pulse interval, minimum

40 ms

Classification ZVEI CB24I, Sink

C0

Classification ZVEI CB24I, Source

C1

C2

C3

Current consumption at 24V, minimum

10 mA

Current consumption at 24V, maximum

15 mA

Electrical data - Safety digital inputs

Designation, Safety inputs

X1 en X2

Switching thresholds

−3 V … 5 V (Low)

15 V … 30 V (High)

Current consumption at 24 V

5 mA

Test pulse duration, maximum

1 ms

Test pulse interval, minimum

100 ms

Classification ZVEI CB24I, Sink

C1

Classification ZVEI CB24I, Source

C1

C2

C3

Electrical data - Safety digital outputs

Designation, Safety outputs

Y1 en Y2

Rated operating current (safety outputs)

250 mA

Design of control elements

kortsluitvast, p-schakelend

Voltage drop Ud, maximum

2 V

Leakage current Ir, maximum

0,5 mA

Voltage, Utilisation category DC-12

24 VDC

Current, Utilisation category DC-12

0,25 A

Voltage, Utilisation category DC-13

24 VDC

Current, Utilisation category DC-13

0,25 A

Test pulse interval, typical

1000 ms

Test pulse duration, maximum

0,5 ms

Classification ZVEI CB24I, Source

C2

Classification ZVEI CB24I, Sink

C1

C2

Electrical data - Diagnostic outputs

Designation, Diagnostic outputs

OUT

Design of control elements

kortsluitvast, p-schakelend

Voltage drop Ud, maximum

2 V

Voltage, Utilisation category DC-12

24 VDC

Current, Utilisation category DC-12

0,05 A

Voltage, Utilisation category DC-13

24 VDC

Current, Utilisation category DC-13

0,05 A

Status indication

Note (LED switching conditions display)

Bedrijfstoestand: gele LED

Fout / functiestoring: rode LED

Voedingsspanning UB: groene LED

Pin assignment

PIN 1

A1 Toevoerspanning UB

PIN 2

X1 Veiligheidsingang 1

PIN 3

A2 GND

PIN 4

Y1 Veiligheidsuitgang 1

PIN 5

OUT Diagnose-uitgang

PIN 6

X2 Veiligheidsingang 2

PIN 7

Y2 Veiligheidsuitgang 2

PIN 8

IN magneetaansturing

Opmerkingen met betrekking tot de veiligheidsclassificatie

  • De veiligheidsclassificatie van de arrêteerfunctie is uitsluitend geldig voor standaardtoestellen met bewaakte arrêteerfunctie AZM40Z-…-1P2P-… (cf. typesleutel).
  • De aansturing van de veiligheidsvergrendeling moet extern met de OSSD vrijgave vergeleken worden; Als zich hier een uitschakeling door een ongebruikelijke ontgrendeling voordoet, wordt dit door de externe diagnose gedekt. Als zich hier een uitschakeling door een ongebruikelijke ontgrendeling voordoet, wordt dit door de externe diagnose gedekt.
  • De veiligheidsclassificatie van de arrêteerfunctie heeft betrekking op de component veiligheidsvergrendeling AZM binnen de volledige installatie.
    De klant moet verdere maatregelen, zoals een veilige aansturing en een veilige kabelplaatsing met het oog op de uitsluiting van fouten voorzien.
    Als zich een storing voordoet, waaruit het ontgrendelen van de arrêteerfunctie voortvloeit, wordt dit door de veiligheidsvergrendeling herkend en worden de veiligheidsuitgangen Y1/Y2 veilig uitgeschakeld. Door het optreden van een dergelijke storing zou de veiligheidsdeur onmiddellijk en eenmalig geopend kunnen worden voordat de veilige toestand van de machine bereikt wordt. Het systeemgedrag van categorie 2 laat toe, dat tussen de tests het optreden van een storing tot het verlies van de veiligheidsfunctie kan leiden en het verlies van de veiligheidsfunctie door de test herkend wordt.

FCC/IC - Opmerking

Dit toestel is conform aan Deel 15 van de FCC-bepalingen en bevat licentievrije zenders/ontvangers die conform zijn aan de licentievrije RSS-norm(en) van de ISED (Innovation, Science and Economic Development) Canada.
De werking is afhankelijk van de volgende twee voorwaarden:
(1) Dit toestel mag geen schadelijke stoorsignalen veroorzaken, en
(2) Dit toestel moet stoorsignalen kunnen tolereren. Hiertoe behoren ook stoorsignalen die tot een ongewenste werking van het toestel kunnen leiden.
Dit toestel leeft bij gebruik op een minimumafstand van 100 mm de grenswaarden voor het stimuleren van de zenuwen (ISED SPR-002) na. Wijzigingen of aanpassingen die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd door K.A. Schmersal GmbH & Co. KG, kunnen ertoe leiden dat de gebruiker de bevoegdheid voor het gebruik van het apparaat verliest.

De in dit toestel geïntegreerde, licentievrije zender/ontvanger vervult de voor licentievrije radioapparatuur geldende eisen van de "Radio Standards Specification" van de instantie Innovation, Science and Economic Development Canada (ISED). Het gebruik is onder beide volgende voorwaarden toegelaten:
(1) het toestel mag geen storingen genereren.
(2) het toestel moet bestand zijn tegen ontvangen radio-interferentie, ook als deze zijn werking kan beïnvloeden.
Dit toestel voldoet aan de eisen met betrekking tot de blootstellingsgrenswaarden voor stimulering van de zenuwen (ISED CNR-102) bij processen met een minimumafstand van 100 mm.
Wijzigingen of verbouwingen waarvoor K.A. Schmersal GmbH & Co. KG niet uitdrukkelijk toestemming gegeven heeft, kunnen ertoe leiden dat de gebruiker de vergunning voor het gebruik van het toestel verliest.

 ICO_PRO_logo-anatel-01
20941-22-14519
Este equipamento nao tem direito àprotecao contra interferência prejudicial e nao pode causar interferencia em sistemas devidamente autorizados.
Para maiores informacores consultar: www.gov.br/anatel

3 Montage

3.1 Algemene montage-instructies

  • Neem ook de opmerkingen van de normen EN ISO 12100, EN ISO 14119 en EN ISO 14120.

De plaats van montage is willekeurig.
De veiligheidsvergrendeling mag niet als aanslag gebruikt worden.
De transportbeveiliging moet worden verwijderd.

De veiligheidsvergrendeling en de bediensleutel zijn voorzien van telkens twee bevestigingsgaten voor M5 schroeven.

  • De weerstandscategorie van de M5-schroeven moet minstens 8.8 of, in roestvrij staal, 80 bedragen Het aandraaimoment van de M5-schroeven bedraagt 4 ... 6 Nm, het maximale aandraaimoment is afhankelijk van de gebruikte bevestigingsschroeven.
  • De veiligheidsvergrendeling is zelfsmerend. De smering aan de vergrendelbout en in de verzonken greep van de bedieningssleutel mag niet worden verwijderd.
  • De ophoping van fijnkorrelige vervuiling in de zone van de grendel moet vermeden worden. Daarom moet men in dit geval afzien van een montage, waarbij de grendel van onder naar boven ingevoerd wordt.
    De bediensleutel moet zodanig worden gemonteerd, dat hij beschermd is tegen beschadiging door externe invloeden.
  • Het gebruik bij negatieve temperaturen is uitsluitend toegestaan bij droge koude. De klant moet hiermee rekening houden tijdens de montage van de veiligheidsschakelaar.
  • De vergrendeling met vergrendelbout (A) en de bediensleutel met driehoeksmarkering (B) moeten in dezelfde montagerichting worden gemonteerd.

Bedieningsrichtingen
Der Betätiger lässt sich stufenlos um 180° einführen.

  • De bediensleutels moeten via geschikte maatregelen (gebruik van eenwegschroeven, lijmen, uitboren van de schroefkoppen, borgen met pennen) onlosmakelijk aan de beschermvoorziening bevestigd worden en tegen verschuiven beveiligd worden.

Toegelaten afwijking van bediensleutel en vergrendeling

KantelhoekDraaiingshoek
 GRA_APP_kaz40a02 GRA_APP_kaz40a03
Bedieningsrichtingen en Schakelafstanden
De AZM40 kan werken binnen de volgende tolerantiegrenzen:
X-as- 3 mm GRA_APP_kaz40a05
Y-as± 1 mm
Z-as± 1,5 mm (bediensleutel in middelste stand)

Afstelling
De beide M4 binnenzeskantschroeven maken een afstelling van de bediensleutellip in X-richting mogelijk met behulp van een binnenzeskantsleutel SW 2 mm

Afstelling via M4 binnenzeskantschroeven

  • De binnenzeskantschroeven mogen niet volledig uitgedraaid worden.

Om een wederzijdse beïnvloeding en een reductie van de schakelafstanden te vermijden, moeten de volgende opmerkingen in acht genomen worden:

  • Metalen onderdelen en magneetvelden in de nabijheid van de bediensleutel en de veiligheidsvergrendeling kunnen de schakelafstand beïnvloeden of de werking verstoren.
  • Houd metaalspanen uit de buurt van de sensor en de bediensleutel

Minimumafstand tussen AZM40 veiligheidsvergrendelingen (in mm)

3.2 hulpontgrendeling

Voor het opstellen en het onderhoud kan de veiligheidsvergrendeling spanningsloos ontgrendeld worden. Door de hulpontgrendeling in tegen de wijzer in te draaien wordt de veiligheidsvergrendeling ontgrendeld. De normale functie wordt pas hersteld nadat de hulpontgrendeling terug in haar uitgangspositie gedraaid is.

  • Hulpontgrendeling niet over de aanslag heen draaien!

Voor het bedienen van de hulpontgrendeling is gereedschap (aanbeveling: sleutschroevendraaier 0,8 x 4 … 4,5 mm) vereist.

De hulpontgrendeling moet na de inbedrijfname worden beschermd tegen onopzettelijke bediening, bijvoorbeeld met behulp van de meegeleverde verzegeling.

Legende
AInbouwstekker M12, 8-polig
BLED aanduidingen
CHulpontgrendeling (aan beide zijden)
 GRA_APP_kaz40a27Veiligheidsvergrendeling gebruiksklaar
 GRA_APP_kaz40a28Veiligheidsvergrendeling niet gebruiksklaar

3.3 Afmetingen

Alle maten in mm.

3.4 Optionele systeemcomponenten

Ombouwkit Noodontgrendeling/Paniekontgrendeling
De ombouwkit dient voor de latere functie-uitbreiding van de veiligheidsvergrendeling.

 BenamingBestelnummer
PaniekontgrendelingACC-AZM40-LEV-T103054265
NoodontgrendelingACC-AZM40-LEV-N103054268
Paniekontgrendeling met
drukknop
- voor 40 mm profielen
- voor profielen tot 170 mm


ACC-AZM40-PT-T-40MM
ACC-AZM40-PT-T-170MM


103054271
103054273
Noodontgrendeling met
drukknop
- voor 40 mm profielen
- voor profielen tot 170 mm


ACC-AZM40-PT-N-40MM
ACC-AZM40-PT-N-170MM


103054275
103054277
ACC-AZM40-LEVACC-AZM40-PT
 PHO_PRO_APP_kaz40f44-sw PHO_PRO_APP_kaz40f45-sw
 BenamingBestelnummer
SpertangSZ40103053182
Universele montageplaat voor 20, 30, 45, 50 en 60 mm profielsystemen, 2 stuksMP-AZM40103045324
Eenwegschroeven M5 x 25, vlakkop, 2 stuksACC-NRS-M5X25-FHS-2PCS103045415
Eenwegschroeven M5 x 25, verzonken kop, 2 stuksACC-NRS-M5X25-CSS-2PCS103045416
SZ40MP-AZM40
 ILL_PRO_APP_ksz40a04 DIM_PRO_BAS_kaz40g04

4 Elektrische aansluiting

4.1 Algemene opmerkingen betreffende de elektrische aansluiting

  • De elektrische aansluiting mag uitsluitend in spanningsloze toestand door gemachtigd en gekwalificeerd personeel uitgevoerd worden.

De spanningsingangen A1, X1, X2 en IN moeten een bescherming tegen permanente overspanning hebben. Daarom moeten gestabiliseerde voedingen volgens EN 60204-1 gebruikt worden.

De vereiste elektrische kabelbescherming moet in de installatie worden voorzien.

De veiligheidsuitgangen kunnen rechtstreeks opgenomen worden in het veiligheidscircuit van de besturing.

4.2 Vereisten voor de te gebruiken veiligheidsmodule

Tweekanalige veiligheidsingang, geschikt voor 2 p-schakelende halfgeleideruitgangen (OSSD)

  • Configuratie veiligheidsbesturing
    Bij aansluiting van de veiligheidsschakelcomponent aan elektronische veiligheidsmodules raden wij aan, een tijdsvertraging van minstens 100 ms in te stellen. De veiligheidsingangen van de veiligheidsmodule moeten een testimpuls van ca.1 ms kunnen maskeren. De veiligheidsmodule moet niet met een dwarssluitdetectie uitgerust zijn; een eventueel aanwezige dwarssluitdetectie moet uitgeschakeld worden.
  • Meer informatie voor het kiezen van geschikte veiligheidsmodules vindt u in de Schmersal catalogi of in de online catalogus: products.schmersal.com.

4.3 Aansluitconfiguratie en toebehoren aansluitstekker

Functie van het veiligheidscomponent  Pinconfiguratie van de inbouwstekkerKleurencodes van de Schmersal stekkersMogelijke kleurencode van andere courant verkrijgbare aansluitstekkers Kleurencode van andere courant verkrijgbare
aansluitstekkers
volgens EN 60947-5-2
 met conventionele diagnose-uitgangGRA_PRO_PIN_km12-k8bP67 / IP69
volgens DIN 47100
IP69 (PVC)
A1Ue1WHBNBN
X1Veiligheidsingang 12BNWHWH
A2GND3GNBUBU
Y1Veiligheidsuitgang 14YEBKBK
OUTDiagnose-uitgang5GYGYGY
X2Veiligheidsingang 26PKVTPK
Y2Veiligheidsuitgang 27BURDVT
INMagneetaansturing8RDPKOF

Toebehoren aansluitkabels

Aansluitkabels met koppeling (female)
M12, 8-polig – 8 x 0,25 mm², IP67 / IP69
KabellengteBestelnummer
2,5 m 103011415
5,0 m103007358
10,0 m103007359
15,0 m103011414
Aansluitkabels (PVC) met koppeling (female)
M12, 8-polig - 8 x 0,21 mm²
, IP69
KabellengteBestelnummer
5,0 m 101210560
5,0 m, haaks101210561
10,0 m103001389
15,0 m103014823

Andere versies met andere lengtes en haakse kabeluitgang op aanvraag verkrijgbaar.

  • Bij gebruik van een haakse stekker moet deze parallel worden uitgelijnd ten opzichte van het bevestigingsoppervlak en wijst hij naar de van de bediensleutel afgewende zijde.

4.4 Aansluitvoorbeelden

De getoonde toepassingsvoorbeelden zijn voorstellen. De gebruiker moet echter de schakeling en de geschiktheid van het product voor de specifieke toepassing controleren.

Aansluitvoorbeeld: Serieschakeling van de AZM40
De spanning wordt in de beide veiligheidsingangen van de laatste veiligheidscomponent van de ketting (gezien vanaf de veiligheidsmodule) gevoed. De veiligheidsuitgangen van de eerste veiligheidscomponent worden op de veiligheidsmodule aangesloten.

Y1 en Y2 = veiligheidsuitgangen → veiligheidsmodule

5 Bediensleutel aanleren / bediensleuteldetectie

Veiligheidsvergrendelingen met standaardcodering zijn bij levering klaar voor gebruik.

Individueel gecodeerde veiligheidsvergrendelingen en bediensleutels worden volgens de onderstaande procedures aan elkaar aangeleerd:

  1. Veiligheidsvergrendeling uitschakelen en opnieuw onder spanning zetten.
  2. Bediensleutel in het detectiebereik brengen. De leerprocedure wordt aan de veiligheidsvergrendeling gesignaleerd, de groene LED is uitgeschakeld, de rode LED brandt, de gele LED knippert (1 Hz).
  3. Na 10 seconden geven korte knipperimpulsen (3 Hz) aan dat de bedrijfsspanning van de veiligheidsschakelaar uitgeschakeld moet worden. (Wordt de spanning niet binnen 5 minuten uitgeschakeld, dan breekt de veiligheidsvergrendeling de leerprocedure af en knippert hij 5 maal rood om een foutieve bediensleutel te signaleren.)
  4. Zodra de bedrijfsspanning opnieuw ingeschakeld wordt, moet de bediensleutel opnieuw gedetecteerd worden om de geleerde bediensleutelcode te activeren. De geactiveerde code wordt op die manier definitief opgeslagen.

Bij besteloptie -I1 is de uitgevoerde toewijzing van veiligheidsschakelcomponent en bediensleutel onomkeerbaar.

Bij besteloptie -I2 kan de procedure voor het aanleren van een nieuwe bediensleutel onbegrensd herhaald worden. Bij het aanleren van een nieuwe bediensleutel wordt de op dat ogenblik actieve code ongeldig. Daarnaast garandeert een vrijgaveblokkering van 10 minuten een verhoogde beveiliging tegen manipulatie. De groene LED knippert tot de tijd van de vrijgaveblokkering verstreken is en de nieuwe bediensleutel gedetecteerd is. In geval van een spanningsonderbreking tijdens het verstrijken van de tijd, begint de manipulatiebeveiligingstijd van 10 minuten vanaf nul opnieuw te lopen.

6 Werkprincipes en diagnosefuncties

6.1 Aansturing van de magneet

De bistabiele veiligheidsvergrendeling wordt door het bedrijfsmatige zetten van het IN-signaal (= 24 V) ontgrendeld. Als het IN-signaal niet wordt gezet (= 0 V), dan schakelt de veiligheidsvergrendeling over naar vergrendelde toestand, mits de correcte bediensleutel in de veiligheidsvergrendeling is ingevoerd.

6.2 Werkingsprincipe van de veiligheidsuitgangen:

Bij de versie AZM 40Z leidt het ontgrendelen van de veiligheidsvergrendeling tot de uitschakeling van de veiligheidsuitgangen. Zolang de bediensleutel in de veiligheidsvergrendeling AZM 40Z ingevoerd blijft, kan de ontgrendelde beschermvoorziening opnieuw vergrendeld worden; in dat geval worden de veiligheidsuitgangen opnieuw ingeschakeld.
De veiligheidsdeur hoeft daarbij niet geopend te worden.

Bij de variante AZM40B veroorzaakt het openen van de beschermvoorziening de uitschakeling van de veiligheidsuitgangen.

Als de veiligheidsuitgangen reeds ingeschakeld zijn, leiden fouten die de veilige werking van de veiligheidsvergrendeling niet onmiddellijk in gevaar brengen (bijvoorbeeld te hoge omgevingstemperatuur, externe potentiaal aan de veiligheidsuitgang, dwarssluiting) tot een waarschuwing, het uitschakelen van de diagnose-uitgang en de vertraagde uitschakeling van de veiligheidsuitgangen. De veiligheidsuitgangen schakelen uit als de foutwaarschuwing 30 minuten actief is. Deze signaalcombinatie, diagnose-uitgang uitgeschakeld en veiligheidsuitgangen nog altijd ingeschakeld, kan gebruikt worden om de machine op een gecontroleerde manier te stoppen. Na het opheffen van de storing wordt de foutmelding gereset door de bijbehorende veiligheidsdeur te openen.

6.3 Diagnose-LED's

Via een driekleurige LED worden status maar ook storingen van de veiligheidsvergrendeling weergegeven.

groen (power)Voedingsspanning aanwezig
geel (status)bedrijfstoestanden
rood (fault) Fout (zie tabel 2: foutmeldingen / impulscodes rode diagnose-LED)

De groene LED geeft aan dat de sensor bedrijfsklaar is. De voedingsspanning is aanwezig en alle veiligheidsingangen zijn beschikbaar. Het knipperen (1 Hz) van de groene LED signaliseert het ontbreken van spanning aan een of beide veiligheidsingangen (X1 en/of X2).

Systeemtoestand
Geen ingangssignaal aan X1 en/of X2
LED
groenroodgeel
Deur geopend en een deur in de serieschakeling ervoor is eveneens geopendknippert
(1 Hz)
uituit
Deur gesloten en een deur in de serieschakeling ervoor is geopendknippert
(1 Hz)
uitknippert
Deur vergrendeld en een deur in de serieschakeling ervoor is geopendknippert
(1 Hz)
uitaan

6.4 Diagnose-uitgangen

De kortsluitvaste diagnose-uitgang OUT kan voor centrale visualisatie- of besturingstaken gebruikt worden, bijvoorbeeld in een PLC.

De diagnose-uitgang is geen veiligheidsrelevante uitgang!

Foutwaarschuwing
Er heeft zich een storing voorgedaan, waardoor de veiligheidsuitgangen na 30 minuten uitgeschakeld worden (LED "Fault" knippert, zie tabel 2). De veiligheidsuitgangen blijven in eerste instantie ingeschakeld (max. 30 min). Hierdoor kan het proces op een gecontroleerde manier stopgezet worden. Een foutwaarschuwing wordt verwijderd als de fout-oorzaak opgeheven wordt.

Storing
Storingen, waardoor de veilige werking van de veiligheidsvergrendeling niet langer gewaarborgd is (interne storingen), leiden tot de onmiddellijke uitschakeling van de veiligheidsuitgangen. Een storing, die de veilige werking van de veiligheidsvergrendeling niet onmiddellijk in gevaar brengt (te hoge omgevingstemperatuur, veiligheidsuitgang aan vreemde potentiaal, dwarssluiting), leidt tot een vertraagde uitschakeling (zie tabel 2). Na het opheffen van de storing wordt de foutmelding gereset door de bijbehorende veiligheidsdeur te openen.

  • Het openen van de veiligheidsvergrendeling met geweld wordt gesignaleerd door het synchrone knipperen van alle leds. Aansluitend moeten de veiligheidsvergrendeling en de bediensleutel worden vervangen.
  • Wordt meer dan een fout aan de veiligheidsuitgangen of een dwarssluiting tussen Y1 en Y2 gedetecteerd, dan vergrendelt de veiligheidsvergrendeling automatisch elektronisch.. Fouten kunnen dan niet meer op een normale manier worden gereset. Om deze vergrendeling te resetten, moet de veiligheidsvergrendeling na het opheffen van de foutoorzaken eenmaal van de voedingsspanning gescheiden worden.

Gedrag van de diagnose-uitgang in het voorbeeld van een veiligheidsvergrendeling met bewaking van de bediensleutel

Afloop, vergrendelsignaal wordt geactiveerd na het sluiten van de deur

Afloop, vergrendelsignaal wordt geactiveerd voor het sluiten van de deur

Afloop verstoord, deur kon niet worden vergrendeld of fout

Normale afloop, deur werd ontgrendeld

Afloop, deur opent onmiddellijk na het ontgrendelen

Afloop verstoord, deur kon niet worden ontgrendeld

Legende
 GRA_CLI_ksym-c77Vergrendelen GRA_CLI_ksym-c76OntgrendelingGRA_CLI_kt-syc06Vergrendeltijd
 GRA_CLI_kt-syc01Deur geopend GRA_CLI_kt-syc02Deur geslotenGRA_CLI_kt-syc03Deur vergrendeld
 GRA_CLI_kt-syc05Deur niet vergrendeld of fout GRA_CLI_ksym-c80Vergrendelen geblokkeerdGRA_CLI_ksym-c79Ontgrendelen geblokkeerd

6.5 Diagnose-informatie

Tabel 1: Diagnose-informatie van de veiligheidsschakelcomponent
Toestand van het systeemMagneetaansturing
(bistabiel)
IN
LEDVeiligheidsuitgang
Y1, Y2
Diagnose-uitgang
OUT
  groenroodgeelAZM40ZAZM40B 
deur open24 Vaanuituit0 V0 V0 V
Deur gesloten, niet vergrendeld24 Vaanuitknippert0 V24 V24 V
Deur gesloten, vergrendelen niet mogelijk0 Vaanknippert2)knippert0 V24 V0 V
Deur gesloten, en vergrendeld0 Vaanuitaan24 V24 V24 V
Foutwaarschuwing 1)0 V / 24 Vaanknippert2)knippert24 V / 0 V24 V1)0 V
Fout0 V / 24 V knippert2) 0 V0 V0 V
Fout mechanische overbelasting3)0 Vknippert synchroonknippert synchroonknippert synchroon0 V0 V0 V
Fout in ingangscircuit X1 en/of X20 V / 24 Vknippertuitzie par
 diagnose-leds
afhankelijk van de toestand van het systeem
10.000 schakelingen voor het bereiken van de maximale mechanische levensduur0 V / 24 Vknippert synchroonknippert synchroonaan / knippert / uitafhankelijk van de toestand van het systeem
Maximale levensduur bereikt0 V / 24 Vknippert afwisselendknippert afwisselenduit0 V0 V0 V
Extra bij uitvoering I1/I2:
Aanleren bediensleutel gestart24 Vuitaanknippert0 V0 V0 V
Alleen I2: leerproces bediensleutel (vrijgaveblokkering)24 Vknippertuituit0 V0 V0 V
 
1) na 30 min: uitschakeling wegens fout
2) zie knippercode
3) Bij klachten met betrekking tot de fout 'mechanische overbelasting' moet altijd het toestel samen met de bijbehorende bediensleutel worden geretourneerd.
Tabel 2: Foutmeldingen / Impulscodes rode diagnose-LED
Impulscodes (rood)Benamingautonome
uitschakeling na
Foutoorzaak
1 impulsFout(waarschuwing) aan uitgang Y130 minFout in uitgangstest of spanning aan uitgang Y1, hoewel de uitgang uitgeschakeld is
2 impulsenFout(waarschuwing) aan uitgang Y230 minFout in uitgangstest of spanning aan uitgang Y2, hoewel de uitgang uitgeschakeld is
3 impulsenFout(waarschuwing) dwarssluiting30 minDwarssluiting tussen de uitgangskabels of fout aan de beide uitgangen
4 impulsenFout(waarschuwing) temperatuur te hoog30 minDe temperatuurmeting toont een te hoge interne temperatuur
5 impulsenFout Bediensleutel0 minFoutieve of defecte bediensleutel
6 impulsenInterne fout0 minFout aan de stuuringangen
7 impulsenFout bediensleutel van de veiligheidsvergrendeling0 minVergrendelen/ontgrendelen geblokkeerd / foutieve positie hulpontgrendeling aan minstens één van beide zijden
8 impulsenFout (-waarschuwing) spanning te hoog/te laag30 minVoedingsspanning buiten specificaties
Continu roodInterne fout0 minToestel defect

7 Gebruik en onderhoud

7.1 Functietest

De veiligheidsfunctie van de veiligheidsschakelaar moet getest worden. Hierbij moet vooraf het volgende gegarandeerd zijn:

  1. Intactheid van de kabelaansluitingen.
  2. Eventuele schade aan de behuizing van de schakelaar.
  3. Verwijdering van stof en vuil

7.2 Onderhoud

Bij een correcte installatie en doelmatig gebruik vereist de veiligheidscomponent geen onderhoud.
Wij raden een regelmatige visuele inspectie en functietest aan, inclusief de volgende stappen:

  1. De veiligheidsvergrendeling en bedien sleutel op juiste bevestiging controleren.
  2. Controle van de max. afwijking van bediensleutel en veiligheidsvergrendeling en max. kantel- en draaihoek; eventueel aanpassen via M4-zeskantschroeven.
  3. Intactheid van de kabelaansluitingen.
  4. Eventuele beschadiging van behuizing van de schakelaar en de bediensleutel controleren.
  5. Verwijdering van stof en vuil
  • Tijdens alle bedrijfsmatige levensfasen van de veiligheidsschakelcomponent moeten constructief en organisatorisch geschikte maatregelen voor de manipulatiebeveiliging of tegen het manipuleren van de veiligheidsvoorziening, bijvoorbeeld door het gebruik van een vervangende bediensleutel, getroffen worden.
  • Beschadigde of defecte componenten moeten onmiddellijk vervangen worden.
  • Na het bereiken van de levensduur van 1.000.000 vergrendelcycli of 500.000 bediencycli (vanaf versie "V2", zie typeplaatje) kan de veiligheidsvergrendeling niet meer worden vergrendeld en moet zij samen met de bediensleutel worden vervangen.

8 Demontage en afvalverwijdering

8.1 Demontage

De veiligheidsschakelaar mag uitsluitend in spanningsloze toestand gedemonteerd worden.

8.2 Afvalverwijdering

  • Het veiligheidscomponent moet op een correcte manier volgens de geldende nationale voorschriften en wetgevingen afgevoerd worden.
EU-conformiteitsverklaring LOG_COM_lo1de01s
Original



K.A. Schmersal GmbH & Co. KG
Möddinghofe 30
42279 Wuppertal
Germany
Internet: www.schmersal.com
Verklaring:Hiermee verklaren wij dat de hieronder beschreven producten op grond van hun ontwerp en constructie beantwoorden aan de relevante Europese Richtlijnen.
Benaming van de component:AZM40
Type:zie bestelsleutel
Beschrijving van de component:Vergrendelvoorziening met elektromagnetische vergrendeling voor veiligheidsfuncties
Geharmoniseerde Richtlijnen:Machinerichtlijn2006/42/EG
 RED-Richtlijn2014/53/EU
 RoHS-Richtlijn2011/65/EU
Toegepaste normen:EN 60947-5-3:2013
EN ISO 14119:2013
EN 300 330 V2.1.1:2017
EN ISO 13849-1:2015
IEC 61508 Deel 1-7:2010
Bevoegde installatie voor de typekeuring:TÜV Rheinland Industrie Service GmbH
Am Grauen Stein, 51105 Köln
Kenn Nr.: 0035
EG-Goedkeuringscertificaat:01/205/5815.00/21
Gemachtigde voor het samenstellen van de technische documentatie:Oliver Wacker
Möddinghofe 30
42279 Wuppertal
Plaats en datum van opstelling:Wuppertal, 21. april 2021
 GRA_SIG_ksig-y24
 Rechtsgeldige handtekening
Philip Schmersal
Directeur
UK Declaration of Conformity LOG_COM_lo1de01s
Company:K.A. Schmersal GmbH & Co. KG
Möddinghofe 30
42279 Wuppertal
Germany
Internet: www.schmersal.com
Declaration:We hereby, under sole responsibility, certify that the hereafter described components both in their basic design and construction conform to the relevant statutory requirements, regulations and designated standards of the United Kingdom.
Name of the component:AZM40
Type:See ordering code
Description of the component:Interlocking device with safe locking function
Relevant legislation:Supply of Machinery (Safety) Regulations2008
 Radio Equipment Regulations2017
 The Restriction of the Use of Certain Hazardous Substances in Electrical and Electronic Equipment Regulations2012
Designated standards:



EN 60947-5-3:2013
EN ISO 14119:2013
EN 300 330 V2.1.1:2017
EN ISO 13849-1:2015
IEC 61508 parts 1-7:2010
Approved body for Type Examination:TÜV Rheinland UK Ltd.
1011 Stratford Road
Solihull, B90 4BN
ID: 2571
Type examination certificate:01/205U/5815.00/22
UK-Importer /
Person authorised for the compilation of the technical documentation:



Schmersal UK Ltd.
Paul Kenney
Unit 1, Sparrowhawk Close
Enigma Business Park
Malvern, Worcestershire, WR14 1GL
Place and date of issue:Wuppertal, June 21, 2022
 GRA_SIG_ksig-y24
 Authorised signature
Philip Schmersal
Managing Director

Schmersal India Pvt. Ltd., Plot No - G-7/1, Ranjangaon MIDC, Tal. - Shirur, Dist.- Pune 412 220

De genoemde gegevens en informatie zijn zorgvuldig gecontroleerd. Afbeeldingen kunnen afwijken van het origineel. Verdere technische gegevens zijn te vinden in de handleiding. Technische wijzigingen en fouten voorbehouden.

Gegenereerd op 05-04-2025 01:37